De afgelopen vrijdag was het Noorderstorm, een bijeenkomst in Drachten in het kader van de Noorder visie 2040. Volgens de de organisatie, de 3 provincies:  De vraagstukken van dit moment (economie, klimaat, inrichting van de ruimte, krimp) vragen om een duidelijke en gezamenlijke koers in het Noorden.  Hoe gevaarlijk dit soort denken is, zien we aan de tram in Groningen. Gelukkig is die afgeblazen want nu de nieuwe regering de OV kaart voor studenten gaat afschaffen, kan het zomaar zijn dat er totaal andere bewegingen in de stad te zien zijn. En dan hadden we nog 40 jaar gezeten met half lege trams en grote tekorten. Het was 5 voor 12 maar gelukkig gaat het niet door. Of er echt veel minder gebruik van de stadsbus wordt gemaakt door het verdwijnen van de studentenkaart  is maar de vraag. Dat is jong menselijk gedrag en dat kunnen we moeilijk vooraf voorspellen kijk maar naar Haren.

De Groningse gedeputeerde William Moorlach vrijdag deed de opening en ik was verast door zijn opmerkingen: de komende jaren krijgen we het echt zwaar, de wereld gaat er anders uit zien en dan zal blijken dat we misschien wel voldoende infrastructuur hebben liggen in het Noorden (ook gelet op de ontwikkelde bedrijven terreinen en bouw locaties) Hij vertelde dat hij op weg naar Drachten door het Westerkwartier reed. Daar heeft volgens hem de laatste jaren een omwenteling voltrokken die volkomen gemist is door de overheid. Het gebied is getransformeerd van een arm gebied met veenarbeiders en keuterboertjes naar een gebied vol met zelfstandigen en kleine ondernemingen. Dat proces is voltrokken zonder enige bemoeienis van de overheid.  

Vervolgens was er nog een mijnheer uit Eindhoven die ons moest inspireren en ons tips gaf hoe creatief en innovatief te zijn. We konden daarna luisteren naar genomineerden die een idee hadden ingediend, een schets van 2040. En kwamen een aantal schertsen van wat er nu al pril te zien is. Het doortrekken van wat is, koersen op de hekgolf. Of zoals de mijnheer uit Eindhoven zei: sturen door in de achteruit spiegel te kijken. Maar 1 bijdrage is wel blijven hangen. Martin met een veel te lange achternaam (je kunt nu niet allemaal Hut heten 🙂 ) nam ons mee naar 2040. Hij en zijn vrouw en kinderen wonen dan in Wapse. Door vragen te stellen kregen we een beeld van hun leven. Omdat ze bijzondere antwoorden gaven werden we erg aan het denken gezet. Wat als je onderwijs los laat, echt grenzeloos gaat werken in een omgeving die voor jouw inspirerend is. Hebben we dan 3D projecties als we vergaderen met de andere kant van de wereld? Of is er dan voldoende bandbreedte in Wapse?

En toen aan de slag. Aan een groot aantal tafels konden we praten over verschillende onderwerpen. Vervolgens schoven we een tafel op en mochten we verder met het resultaat van de vorige groep. Oftewel een grote prut van ideeën. Ik hoorde aan een tafel dat het goed zou zijn alle kinderen uit het noorden verplicht een aantal weken stage te laten lopen in het buitenland want het gebied loopt achter. Jammer eigenlijk want de eerste stap is het noorden te nemen zoals het is Met al de facetten. Rust en ruimte en ijle economie. Opvallend ook hoe groot de gedrevenheid is  om groot te denken of denken in veranderen. Ook heel snel voor anderen te denken. Logisch ook want meer dan de helft werkte bij de overheid of aanpalende organisaties. Beangstigend hoe bij veel deelnemers nog het beeld leeft dat de overheid  veel moet bepalen. Gelukkig waren er ook geluiden te horen dat de overheid moet leren luisteren. Ook beter leren kijken. 

Het blijft natuurlijk lachwekkend om zo ver vooruit te kijken want 2040 is nog 28 jaar. 28 jaar terug, dan praten we over 1984. In die tijd kwam KPN (toen PTT Telecom) met een draadloos toestel, de New York, op de markt. Er waren nog veel mensen die het telefoon toestel in de hal hadden hangen, een wandtoestel, want vroeger belde je alleen als het noodzakelijk was daar ging je niet bij zitten. Inmiddels bellen we op de meest rare plaatsen: in de auto op de WC of op de bouwsteiger. Er werken nog steeds veel mensen iedere dag op een kantoor. Zittend achter een bureau. Nog bellend en werkend via een draadje. Voor die groep werknemers: hoe ziet dat er over 28 jaar uit?

Archief