Jan Hut

huisje_465“Nee het is geen nutsvoorziening”. Avond aan avond mag ik uitleggen dat de telecomsector een competitieve markt is. Daar knokken de bedrijven voor hun marktaandeel. Dat hebben we met elkaar besloten. Nou ja meer dan de helft van ons heeft dat bepaald. De rest moet het slikken want het is democratisch bepaald.De achterliggende gedachte is dat de consument daardoor altijd het beste aanbod krijgt voor het minste geld. We kunnen kiezen.

 

Marktpartijen zullen altijd streven naar een zo groot mogelijk marktaandeel. Het kunnen domineren van de markt. Het is het mooist voor een bedrijf dat het (nagenoeg) een monopolie bezit. Dat klanten niet om je heen kunnen. Dat zie je in het groot (Microsoft of Google) maar soms zie ik dat ook in het klein bijvoorbeeld op een waddeneiland waar soms de prijzen relatief hoog zijn omdat je geen keus hebt.

 

Bij telecom is het van belang om bezit te hebben van de verbinding naar de klant. KPN heeft naar alle huizen en bedrijven een verbinding liggen. Dat was ooit door de staat aangelegd en dat hebben ze gekregen / overgenomen. Feit is dat ze de toegang tot iedere woning bezitten en in veel gevallen is er ook nog een toegang via Ziggo. Om te voorkomen dat die 2 bedrijven de koek gaan verdelen heeft de overheid besloten dat ook andere bedrijven gebruik mogen maken van de 2 KPN draadjes naar iedere woning. De overheid heeft zelfs prijzen bepaald voor dat gebruik. Het orgaan wat er op moet toezien en regelt is de ACM (Autoriteit Consument en Markt). Nu hoeft Ziggo die verplichting raar genoeg niet. Allereerst heeft Ziggo ook niet naar ieder huis toegang en het is technisch niet mogelijk is het verweer. Hoewel Tele2 ooit wel diensten over het Ziggo netwerk heeft geleverd. Het kan dus wel.

 

Kortom heb je de toegang tot een pand en bent je de enige, dan ben je spekkoper. KPN ontvangt iedere maand van iedere klant een paar tientjes voor een netwerk wat er soms al 60 jaar of langer ligt. Hoog tijd voor vernieuwing en dat doen ze ook. Alleen in gebieden waar dat snel rendeeert. Grotere kernen met weinig afstand tussen de woningen. Wat er overblijft is niet snel terug te verdienen. In markttermen: het is niet rendabel. Vroeger maakte dat niet uit. Telecom was een nutsvoorziening. Er zijn heel veel goedkoop aan te sluiten adressen en maar heel weinig erg dure. Gemiddeld kom je wel uit. Dat is het principe van een Nutsvoorziening. Een nutsbedrijf is een bedrijf dat, vaak vanuit een monopoliepositie, opereert in een sector die beschouwd wordt zijnde van openbaar nut omdat het belangrijke producten of diensten levert die in het algemeen belang zijn. (volgens Wikipedia)

 

Nu ben ik benieuwd naar de kleinste plaats waar KPN/Reggefiber zelfstandig gestart is met het aanleggen van een glasvezelnetwerk. Bij kleinere plaatsen heeft KPN alleen belangstelling als overheid of bewoners fiks bijleggen. Mijn voorstel zou zijn zet een streep onder de kleinste kern die KPN / Reggefiber ontsloten heeft met een glasvezelverbinding. Verklaar al het andere tot gebied waar een nutsvoorziening wordt aangelegd. Voor en door de bewoners. Het kan prima uit. Het draagt gigantisch bij tot de economische en sociale vitaliteit.

 

Verklaar grote kernen tot marktgebied daar is men gewend aan een groter aanbod van winkels en voorzieningen. Daar gedijt een markt, is de betrokkenheid bij de eigen omgeving vaak iets minder. En verklaar kleine kernen en landelijk gebied tot gemeenschappelijk ondernemend. Daar doe je het samen. De tarieven blijven onder de markttarieven en het geld blijft in de regio en vloeit niet naar de aandeelhouders van de marktpartijen. En dan niet alleen voor Telecom maar ook voor energie, zorg en vervoer. Lees ook meer over Nieuwe Nuts. Onder de kreet “Let’s go Nuts!!!” Maak me gek.

 

 

geld wegGlasvezel in het buitengebied houdt me aardig van de straat. Met name in Groningen en Drenthe (hoewel ik ook wel eens over de grens stap naar Friesland). Geweldig mooi om te zien hoe bewoners zelf aan de slag gaan (uit de nood geboren) om zelf een netwerk aan te leggen en te bezitten. Het is een lange weg vol hobbels en valkuilen. Maar het gaat zeker lukken in mijn ogen.

 

Nu is het zo dat er bij de provincie Groningen geen geloof is in de kracht van eigen inwoners. “Jan, dat gaat niet lukken” hoor ik dan. Bewoners zijn daar niet toe in staat om het voor iedereen te regelen. We willen het in één keer regelen voor de hele provincie. Waarbij het bevingsgebied voorrang heeft daar is geld voor beschikbaar.  

 

Nu hoorde ik gisteren een mooie uitdrukking, er is geld beschikbaar “À Fonds Perdu”. Dat is een mooie uitdrukking voor het geld weggeven met de wetenschap dat het nooit meer terug komt. Met dat geld wil de provincie marktpartijen overhalen diensten te leveren in het onrendabele gebied.  Hoezo onrendabel??? Want met een coöperatieve aanpak kan het wel en dan is het blijkbaar wel rendabel. Er worden alleen geen grote winsten behaald. Natuurlijk moeten die bedrijven zelf ook geld meebrengen. Alleen zullen de aandeelhouders van de bedrijven vragen : "Hoe snel is dat terugverdiend?"

 

In de gesprekken die ik gevoerd heb met de provincie (dat gesprek is opeens gestopt toen men begreep wat mijn drijfveer is) hoorde ik vaak over de onrendabele top. Dat is dus een uitdrukking van de markt. Het geloof dat de markt de oplossing biedt, is erg groot. Ergens begint het bij mij dan te jeuken. Want geld weggeven aan de markt,- pardon beschikbaar stellen À Fonds Perdu, om vervolgens tot in de eeuwigheid commerciële diensten te moeten afnemen,  voelt niet goed. Waarom niet lenen aan een coöperatie? Dan blijft het geld in de regio. Ergens hoorde ik het argument het geld wordt niet weggegeven maar geïnvesteerd in de regio. Wat een kortzichtigheid. Ook bij een coöperatieve aanpak wordt het geld geïnvesteerd in de regio. En waarschijnlijk ook nog effectiever want bewoners kunnen allerlei slimmigheden inbrengen die een marktpartij niet kan. Bijvoorbeeld leggen over privé terrein. waarom zou ik dat voor een commerciële partij doen. Dat ligt anders als het is voor mijn eigen coöperatie.

 

Wat te denken aan de lokale bedrijvigheid. Lokale partijen worden betrokken bij de coöperatieve aanpak. Ik herinner me nog goed dat een paar jaar geleden Hongaren en Roemenen het netwerk in Leek en Marum hebben aangelegd. Terwijl Nederlandse kabelleggers thuis zaten toe te kijken. Allemaal in opdracht van Reggefiber / KPN. De partij die nu regelmatig met de provincie om tafel zit om aanspraak te maken op dat Fonds Perdu.

 

Het wordt nog gekker als je nagaat dat het Economic board Groningen geld ter beschikking stelt en dus indirect ook mee werkt aan dat “À Fonds Perdu”. Een deel van het geld wat bedoelt is om het bevingsgebied te ontwikkelen is foetsie. Weggegeven aan een marktpartij zodat die de businesscase rendabel kan maken, oftewel kan verdienen aan de inwoners van het bevingsgebied. Ben ik nou gek of hoe zit dit eigenlijk. Waarom dat geld niet ter beschikking stellen aan een bewonersinitiatief. Laat meer bewoners een rol spelen in de digitale ontwikkeling. En daar hoort de volgende boodschap bij: beste bewoners we wonen in een geweldig gebied.  Ver voor de jaartelling vochten we tegen de zee. Woonden we op Wierden. Het heeft ons onverzettelijk gemaakt. Bulten zand in het landschap maken of er een kabeltje in graven, wat is het verschil. Natuurlijk kunnen we die uitdaging aan. Niet voor niet is het derde couplet van ons volkslied:

Doar woont de dege degelkhaaid,
de wille, vast as stoal,
Doar vuilt t haart, wat tonge sprekt,
in richt- en slichte toal.

 

We laten ons toch niet leiden door “turfsmurfen, spreadsheetspecialisten, vinkvee” die wel weten hoe de economische markt werkt, maar geen flauw idee hebben hoe een cooperatieve aanpak werkt en wat Groningers wel en niet kunnen? Kom op nou.

220px-Horthy_the_regentHeb je wel eens meegemaakt dat je aan iets begon en dat iemand er met de resultaten van jouw inspanning vandoor ging?

 

Stel je begint aan iets wat een groter doel dient dan jezelf. Je zet je in voor een gemeenschap. Je stopt er samen met anderen veel liefdewerk in. Ineens staan er mensen op die het initiatief over nemen. Ze zien de waarde van wat er is ontstaan. Het moet allemaal anders en het moet allemaal zakelijker. Niet meer vanuit het gemeenschappelijke maar opeens is er een ander  (vakk Commercieel) belang in geslopen.

 

Met veel communicatie geweld wordt het idee over genomen. Pakkende teksten en stukken in de krant maken dat het een eigen leven gaat leiden. Opeens is het gezamenlijk eruit. Er is een groepje die bepaalt wat er moet gebeuren Als anderen aan willen sluiten dan kan dat onder de voorwaarden van dat groepje voorwaarden. Een bottom up

benadering wordt gebruikt ter meerdere eer en glorie van mensen die er hun voordeel in zagen. Er zijn nieuwe regenten ontstaan.

 

VLaatst sprak ik erover met iemand die dit ook herkende. Ze kwam met de uitspraak: mensen die het gedrag vertonen van: Hoe wordt ik mijn eigen regent? Misschien wel onbewust anderen ondergeschikt maken.

 

Het overkomt me zelf regelmatig. En om eerlijk te zijn ben ik in het verleden ook wel eens in die valkuil getrapt dat ik dacht te weten wat goed is voor andere mensen. Nu overkomt het me regelmatig zelf dat ik wordt gepasseerd en het is niet leuk om mee te maken.

 

Je hebt ergens veel energie in gestoken en in eens is er iemand die er met de resultaten van door gaat. Geen dank je wel. En als je iemand er op aanspreekt krijg ik dan te horen: Jan, jouw aanpak schiet niet op dat kan veel beter. Ik hoor ze bijna zeggen je bent niet SMART. Vooral mensen die getraind zijn in project management willen het graag SMART: = Specifiek, Meetbaar, Acceptabel, Realistisch en Tijdgebonden. Natuurlijk is dat een prima methode als het gaat om projecten in een gecontroleerde omgeving. Het bouwen van een brug of het aanleggen van een weg. (dat is ook waar prince II, de projectmethodiek, voor staat: Projects in a controlled environment).

 

Maar als het gaat om mensenwerk samen dingen voor elkaar krijgen en mensen betrekken dan is dat niet smart te maken. Daar moet je MOEDIG voor zijn. Hierbij staan de letters voor:

Mensgericht
Onderop (bottom-up)
Eenvoud
Delen
Inclusief (er worden geen mensen uitgesloten)
Geleidelijk

Dat kost vaak tijd die niet altijd te plannen is. Zeker niet als je iedereen of zoveel mogelijk achter het plan wilt hebben. Dat vraagt een andere aanpak die niet door macht van boven wordt opgelegd maar veel meer via de weg van de geleidelijkheid.


Die aanpak van samen geeft anderen volop de ruimte om het over te nemen, de lead te nemen en er met de resultaten vandoor te gaan. De hamvraag is dan. ga ik de volgende keer weer informatie delen met iedereen of hou ik kennis voor sommige anderen verborgen? En welke anderen? Eerlijk??? Ik zou het niet weten. Jij wel?

7006548-bottom-upTegenwoordig gaat er geen dag voorbij of ik ben bezig met Bottom up. De beweging van onderop. Geef mensen de ruimte om dat te doen wat ze zelf willen. Dat is geen gemakkelijke aanpak want zoveel mensen zoveel meningen. Toch kan ik er volop van genieten als mensen met elkaar zich sterk maken voor een gemeenschappelijk belang. In mijn geval is het vaak glasvezel in het buitengebied maar het is op veel meer plaatsen te zien.

 

Het gaat vaak als een reactie op een doorgeschoten top down benadering daar waar een kleine groep aan de top bepaalt wat goed is voor mensen. Soms is top-down goed maar in andere gevallen ook niet. Soms is het zo erg dat er in het bedrijfsleven psychopaten in de top van een bedrijf zitten. Zaterdag stond er een stuk in het Dagblad van het Noorden over gesjoemel, zelfverrijking en mismanagement onder de titel “Wolven op de werkvloer”. Het riep bij mij de vraag op is dit alleen in het bedrijfsleven? En de overheid of gezondsheid zorg dan? Juist in de politiek zie ik soms mannetjes die een mening hebben die niet een afspiegeling is van wat er in de maatschappij leeft. Ik las ooit eens: de kwaliteiten die een politicus moet hebben om aan de top te komen is maakt hem/haar ongeschikt om een politieke functie te bekleden. Het vraagt knokken en uitgesproken standpunten  om aan de top te komen. Daar eenmaal aangekomen vraagt het een luisterend oor en een bindend vermogen.

 

Dan is het bij een commercieel bedrijf gemakkelijker daar gaat het om competitie. In de markt gaat het om marktaandeel en als iemand je marktaandeel afneemt kan je met een goede marketing het weer terug pakken. Niet voor niets heet het Marke(t get)ting. dat is waar ik me dagelijks mee bezig hou hoe kunnen bewoners initiatieven rond breedband zich zo organiseren dat een eigen glasvezelnetwerk gerealiseerd wordt. Niet ten behoeve van vermogende aandeelhouders, maar als vehikel voor regioontwikkeling. Want met een eigen netwerk blijft het geld in de regio en gaat het niet over de grote plas naar de aandeelhouders van Ziggo of KPN. Al snel een paar tientjes per aansluiting per maand. Dan pas komen die bedrijven in actie om de rendementen uit hun netwerk te behouden in plaats van energie te stoppen in het upgraden van hun netwerk. In dezelfde krant van zaterdag stond er een mooie collumn van Kool & Veenstra. Ze wonen blijkbaar in de Wolden waar een glasvezelinitiatief bezig is. Daar is Ziggo begonnen het initiatief te frusteren.
 

Ik las: Geen wonder dat hij (Jan Veenstra) pissig was toen we onlangs zagen hoe in het centrum van Zuidwolde een busje aantrekkelijk ogende studenten en scholieren werd opengetrokken. Een acquisitieteam van jongelui in Ziggoshirts verspreidde zich als een zwerm muggen. Pronte kontjes, hupse borstjes. En ongetwijfeld rappe bekkies met een goed ingestudeerd verkoop praatje. Zijn de bazen van Ziggo opgeschrikt?  Worden in dichter bevolkte gebieden van Drenthe nu klanten geworven met tijdelijke aanbiedingen, zodat het glasvezel initiatief mislukt en het buitengebied nog steeds zonder goede internetverbinding zit? Het begint dus al op te vallen wat er aan de hand is. en sommige mensen storen zich aan het gedrag van dominante marktpartijen.


Blijkbaar hebben ze bij Ziggo en KPN niet in de gaten dat deze aanpak wel een heel erg tegen ze kan gaan werken. Allereerst zijn klanten niet achterlijk en tegelijkertijd voedt het de motivatie van de initiatiefnemers nog meer om het toch voor elkaar te krijgen en juist nu ook met de Ziggo klanten. Ook Tegenlicht gooide zondag olie op het vuur. Internet is het medium waar mensen door beïnvloed worden. Juist grote beursgenoteerde bedrijven proberen iedereen te verbindenen. Griezelig om te zien hoe machtig die beweging is. Des te belangrijker is het om bewust te kiezen voor een eigen netwerk. Natuurlijk kan dat netwerk ook gebruikt worden voor beïnvloeden van grote groepen mensen. Het verschil is dat het eigen netwerk ook gelijk symbool kan staan voor een zelfbewuste regio die het anders wil. 


Wil je het ook nog eens op 4 andere manieren horen wat er overal speelt??? Neem dan even een kwartiertje de tijd en kijk naar onderstaande 4 fragmenten.

 

money-guy-walking-with-bag-of-moneyAl wat langere tijd ben ik bezig met @nder geld. Want het hele geldstelsel blijft voor mij een onduidelijk iets. Ik zag de voorstelling van "Door de bank genomen" en al vaker heb ik er over geblogd. Toch blijft het me fascineren waarom we niet in staat zijn van onderop dingen beter te regelen. Bernie Sanders lijkt het als presidentskandidaat in de VS ook niet te lukken voldoende mensen in beweging te krijgen. Hij blijft hameren op het feit dat de top 1%  alles naar zich toe haalt en de rest het steeds minder krijgt. Hij blijkt massa’s mensen achter zich te krijgen en er komen geluiden van stembusfraudes door de Republikeinen. Eindresultaat: het lijkt hem niet te lukken.

 

Waar ligt dat toch aan? En kunnen we er iets aan doen? Volgens mij wel, alleen zal het tijd vragen en uithoudingsvermogen.

 

Even een korte uitleg van mijn beeld van de wereld. Geld is er voor om ruilen mogelijk te maken met zaken die normaal niet eenvoudig geruild kunnen worden. Oftewel je kunt een fiets niet ruilen voor brood. Nou ja dan heb je wel veel brood in een keer. Dus is het handig iets te hebben waarmee je iedere dag een brood kan halen net zolang de waarde van de fiets is uitgekeerd in broden. Geld is een mooie oplossing hiervoor. Als geld alleen voor ruilen gebruikt werd, was er niets aan de hand. Alleen gingen mensen geld sparen. Je kon dat geld wel lenen maar dan moest je voor dat lenen wel betalen, daarmee ontstond er rente.

 

Rente ging overal  tussen zitten. Het brood dat je koopt is gemaakt in een bakkerij waar een hypotheek opzit met rente, de ovens zijn gefinancierd met rente, etc. Ik hoorde eens het verhaal dat tot wel 30% van de prijs van een product bestaat uit rente. Eigenlijk lekkapitaal, want als je geld alleen zou gebruiken zonder rente zou dat een stuk schelen in de kostprijs. Waar lekt dat geld allemaal naar toe dan? Zou dat uiteindelijk niet die top 1% van Bernie Sanders zijn?

 

Een ander voorbeeld van lekkapitaal: energie en telecom. (Buitenlandse)  investeerders ontdekten dat het bezitten van Infrastructuur waar maandelijks voor betaald wordt lucratief is om in te investeren. Dus toen er aandelen te koop waren van Telecom en Elektriciteit waren ze er als de kippen bij. Nu betalen klanten heel veel aan de bezitters van die netwerken terwijl ze soms na 5 jaar al terugverdiend zijn. Maandelijks vloeit veel geld over de grote plas en in de zakken van die rijkste 1%

 

Willen we als regio de trend keren dan zullen we kapitaal in de regio moeten houden. Lees daarover ook mijn vorige blogs. Dat kan prima door te zorgen dat we de infrastructuur weer in eigen hand krijgen en werken met rentevrij kapitaal. Daar komen nu de middelen voor beschikbaar. We kunnen er nu al mee aan de slag. dat zal eerst klein beginnen maar er zijn al op diverse plaatsen in de wereld voorbeelden dat het wel kan. Van onder af met elkaar. Zorgen dat er zo weinig mogelijk geld weg lekt.


lekkapitaal1
Ik heb in bovenstaand figuur het proberen uit te leggen. Natuurlijk is het veel te simpel. Het stelt een product voor: zeg groenten. Dat moet worden verbouwd en geoogst. Daar zitten kosten aan vast en het moet getransporteerd worden. Als het goed is houdt de boer winst over. Winst wat hij als het goed is weer besteed in de regio. Overal bij de productie zit lekkapitaal. De rente van de leningen, inkoop van de zaden, bestrijdingsmiddelen, gereedschap, opslag maar ook het transport. Dan komt het in de winkel en daar geldt hetzelfde. Eigenlijk lekt er geld weg als rente in het spel is of er geld weglekt naar grote aandeelhouders.De kunst is om kapitaal te gebruiken waar geen rente over geheven wordt. Dat geld is op komst. Wil je er meer van weten ga dan naar http://www.socialtrade.nl Er is ook een boek over verschenen onder de naam @nder geld. Het mooie ervan is dat het gratis te krijgen is in de weggeef variant. Je krjigt het gratis met de voorwaarde dat je het weer weggeeft. Ik heb er een dus de eerste die zich meldt stuur ik het boek. Het is lokaal geld maar dan ook internationaal in te zetten. Het fascineert me wel. Ik zou wel eens met een groep mensen er over door willen praten. Wie heeft belangtelling?

 

himmeldei“Ik ben een plattelandsmens”.

 

Niet dat ik een hekel heb aan een stad, integendeel ik kom er graag. Maar om te wonen en leven kies ik toch voor een dorp. Nu blijkt dat ik daarmee afwijk van het merendeel van de wereldbevolking. Uit een onderzoek in 2008 is gebleken dat er meer mensen in steden leven dan op het platteland. Daarvoor was het omgekeerd.

 

Die beweging wordt Urbanization genoemd. Overal ter wereld wordt deze verandering waar genomen. Veel mensen kiezen voor deze leefomgeving omdat gezegd wordt dat het beter zou zijn om in een stad te leven. Voordelen van het leven in een stad zijn o.a. betere kansen voor onderwijs, meer kans op werk, het hebben van voorzieningen in de buurt en er is een groter aanbod en verscheidenheid van goederen en diensten. Er kleven ook wel nadelen aan: vervreemding, stress, duurder qua levensonderhoud, hogere luchtvervuiling, hogere criminaliteitscijfers en negatieve sociale aspecten. Deze negatieve punten zorgen ervoor dat veel mensen kiezen om in buitenwijken van een stad te gaan wonen.

 

Er is ook wel een andere beweging te bespeuren, de trek naar het landelijk gebied door:

  • een betere kwaliteit van leven
  • de overtuiging dat het een veiliger en plezieriger omgeving is voor kinderen om op te groeien.
  • mindervervuiling en meer open ruimte;
  • goedkopere grond om te kopen en lagere huizenprijzen.
  • bedrijventerreinen op mooie locaties en ruimte om uit te breiden.

 

Toch lijkt de trek naar de stad nog steeds door te gaan.

 

Er is ook anders te kijken naar deze problematiek.In een stad wordt er een soort filter toegepast: rijk bij rijk, arm bij arm, arbeiders buurten, allochtone wijken en buurten voor de beter gesitueerden. Binnen zo’n wijk is er een soort monocultuur. Daar weet men amper wat er buiten de eigen buurt of stad speelt. Het duidelijkste bekende voorbeeld is de Amsterdamse grachtengordel.  

 

In dorpen heb je dat soort scheidingen niet echt. We wonen sinds een paar maanden in Visvliet. Een dorp op de grens van Friesland en Groningen, waar nog geen 400 mensen wonen. Of je wilt of niet je komt daar van alles tegen en je moet het als dorp met elkaar rooien. Voor mijn glasvezel activiteiten was ik de afgelopen week ook bij een vergadering van dorpsbelangen in een ander dorp en daar zag ik hetzelfde. De agrariër, ICT manager, kapper en heftruk chauffeur allemaal bezig met de woonomgeving. Dat maakt voor mij een dorp juist zo leuk. De boerenslimheid gecombineerd met academische denkkracht.

 

Gisteren was ik bij een bijeenkomst voor vernieuwingen in de stad. Allemaal hoger opgeleide mensen die nadenken over hoe het anders zou moeten met de wijken in de stad. Veel praten over en weinig met betrokkenen. Het mooie van een dorp is dat het al ingebakken zit en een dorp. Steden kunnen nog heel veel leren van dorpen. In een dorp is men gewend om dingen zelf uit te vinden. Lang niet alles is voorhanden en dat maakt mensen soms slim en vindingrijk.


Zeker als het gaat over voedsel verbouwen en plaatsen van zonnecollectoren. Alleen dat al maakt het wonen in een landelijke omgeving waardevol. Maar er is meer wat een dorp en het platteland waardevol maakt. Men is gewend met elkaar samen te werken. De professor en de bouwvakker, de IT-er en de kapster. Denken en doen zijn bij elkaar daar kunnen steden nog heel veel van leren. Waar ik de rest van mijn leven ook ga wonen, vast dat het op het platteland is.

 

 

 

Archief