Menu Sluiten

Maand: januari 2026

Kopvoeters aan de macht

De best gelezen blog van de laatste tijd gaat over “Waarom slimme mensen domme dingen doen”. De blogs daarna over de falende elite en de kloof tussen praktische wijsheid en theoretisch gevormd scoren ook hoog.

Al heel snel in het leven moeten kinderen voldoen aan een norm. Ze moeten later in de opleiding vooral leren met hun hoofd. Kennis reproduceren die door anderen bedacht is. Echt oorspronkelijk denken, buiten de kaders denken, wordt niet gewaardeerd. Dat is trouwens moeilijk te beoordelen door de meeste docenten. Kennis reproduceren juist wel. En als het multiplechoicevragen zijn, is het al helemaal simpel om een cijfer te genereren.

Het grappige is: juist de mensen die andere wegen bewandelen, komen vaak met originele dingen. Jammer genoeg is de neiging groot om in plaats van het zelf te bedenken, het aan AI te vragen. Gevolg? Er komen oplossingen die al lang eerder bedacht zijn. Daar krijg je geen vernieuwing door.

Innovatie ontstaat zelden door dingen te bedenken. Vaak komt het door iets wat niet werkt. Tijdens het douchen of een lange wandeling plopt de oplossing ineens op. Of door een experiment dat anders uitpakt dan verwacht.

Over mieren:

Mieren zijn daar een mooi voorbeeld van. Er is een fascinerend verband tussen afwijkingen (mutaties) bij mieren en vernieuwing (innovatie) in een kolonie of soort. Mierenkolonies zijn normaal extreem uniform en efficiënt georganiseerd: iedereen volgt feromonen, taken zijn strikt verdeeld en afwijkingen worden vaak bestraft of genegeerd. 🐜 Maar juist die genetische of gedragsmatige afwijkingen (mutanten) spelen een cruciale rol bij evolutie en aanpassing.

🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜 🐜

In dat opzicht is AI ook dodelijk voor de mensheid. We krijgen oplossingen die al bedacht zijn. En we trainen de “innovatiespier” niet meer. Juist mensen die met hun handen werken, dingen maken, worden uitgedaagd als iets niet werkt: iets anders proberen. Iedere techneut kent wel zo’n situatie en weet er vast trots over te vertellen wat de oplossing was. Mijn beide broers zijn zulke uitvinders en vertellen er graag over. Ergens op een boorplatform iets oplossen terwijl je niet snel naar de winkel kunt. Iets repareren terwijl het juiste gereedschap er niet is. (Oké, dat is dan de wereld van mijn zoon 🙂

Des te langer ik verhalen hoor van geleerde mensen die veel hebben gestudeerd, des te meer zie ik de doodlopende straat. We worden geregeerd door heel veel kopvoeters. Het begrip van kleine kinderen (3-5 jaar) die als ze beginnen te tekenen eerst een groot hoofd met armen en benen maken, zonder romp. In mijn ogen zijn heel veel mensen blijven hangen in die kopvoeterfase. Theorie leren, kennis tot zich nemen en kunnen reproduceren. Bij multiplechoice gaat het soms meer om herkennen van stof dan om echt doorgronden.

Dat er naast al die kennis in het hoofd ook nog zoiets is als een lichaam dat het moet maken, komt niet bij ze op. Ik hoorde eens de kreet “implementatievrij beleid”. In mijn ogen wordt dat gemaakt door mensen die nooit de kopvoeterfase zijn ontgroeid. Ze hebben geen besef hoe dingen in de praktijk lopen. Je hoeft maar te kijken naar alles wat er nu mis is: landbouw, oorlog, energie, economie – allemaal problemen veroorzaakt door kopvoeters.

De analogie met de ontwikkeling van een kind is nog verder door te trekken. Op latere leeftijd (7 jaar en verder) gaan kinderen over van vlakke tekeningen naar meer perspectief. Misschien is dat bij heel veel mensen die studeren ook minder ontwikkeld: dingen in perspectief zien. Ze blijven hangen in het geldende narratief, zoals dat zo mooi heet. Vaak hebben ze kennis van één vakgebied, maar kunnen slecht een stap terug doen en kijken vanuit een andere discipline. Eenmaal specialist op het ene gebied maakt nog geen specialist op een ander gebied.

En jij? Herken je die kopvoeterfase bij jezelf, bij collega’s, bij de mensen die ons land besturen? Of ben jij al lang geleden overgestapt naar dat ene lijfje met perspectief… en durf je het ook hardop te zeggen als iets nergens op slaat?

Ik lees je reactie graag.

Dwarsliggers houden de rails recht

Jarenlang heb ik me neergezet in “het stille midden”, daar waar meningen elkaar ontmoeten en waar je kunt luisteren. Een ander te zien, te horen, maar lang niet altijd te begrijpen. En vaak moet ik denken aan mijn moeder die dan uitspraken had als: “Je moet maar zo denken, ze hebben niet meer verstand.”

Ik citeer mijn moeder wel vaker. Niet dat ik toen ik jong was zo’n goede band met haar had (ook niet echt slecht trouwens). Ooit gooide ze me voor de voeten: “Jij…? Jij was voor je geboorte al een dwarsligger.” Ik werd gehaald met een keizersnede. Moeder en zoon hadden een heftige ervaring gehad en we kregen beiden rust. Mijn moeder zag me voor het eerst na twee dagen. (Over hechting gesproken.)

Later in mijn leven kwam ik op een straat te wonen met de naam Dwarshaspel. Hoe betekenisvol kun je het hebben? Een beetje met een knipoog natuurlijk, want echt dwarsliggen doe ik volgens mij niet. Wel dat ik het niet altijd, overal mee eens ben. In dat geval haak ik af. Dat wordt soms uitgelegd als dwarsliggen, want ik doe lang niet aan alles mee. De wereld is te groot en complex om je overal mee te bemoeien. Aan de andere kant laat ik graag een tegengeluid horen.

Dat dwarsliggen heeft een negatieve klank. Maar ik hoorde vanmorgen de uitdrukking “dwarsliggers houden de rails recht”. Dat sprak me gelijk aan, want we zijn met elkaar aan het ontsporen, de kloven worden steeds groter. Misschien goed om toch een en ander eens te benoemen. Ik kan er zo een aantal noemen en proberen de standpunten bij elkaar te houden, want het is nooit alleen zwart-wit.

Hier ga ik:

Conservatief versus progressief Diep in mijn hart ben ik conservatief. Ik hou van traditie en oude normen en waarden, maar niet alleen. Ik geloof in de vooruitgang en dat we in staat zullen zijn in de toekomst een betere wereld te krijgen.

Duurzaamheid Duizenden windmolens en zonnepanelen lijken de oplossing, maar reken je het door, dan zie je dat het niet volstaat zonder opslag of back-up. Tegelijkertijd verpesten we ons mooie Groningse landschap. Ik lig dwars door te zeggen: laten we inzetten op innovatie voor vrije energie, maar dan wel zonder de macht van de grote energiebedrijven te laten domineren. Dat houdt de rails bijeen: realistisch én hoopvol.

Medicijnen versus alternatieve geneeswijze We hebben veel te danken aan medicijnen. Maar de rol van Big Pharma is veel te groot en natuurlijke genezing zwaar onderschat. Het lichaam kan zelf heel veel aan. Hoog tijd om de studie medicijnen weer studie geneeskunde te noemen. Beide hebben waarde – het gaat om integratie, niet om óf/óf.

Poetin, Rusland en Oekraïne Poetin is geen lieverdje en Rusland kent een geschiedenis van onderdrukking. Ik ben blij dat mijn wieg in Nederland stond. Maar Rusland heeft de uitkomst van de Tweede Wereldoorlog bepaald. Het offer van Rusland was gigantisch. Oekraïne speelde daar een heel bijzondere rol in. Zomaar een land binnenvallen is in mijn ogen not done. Wat het Westen met de VS voorop in andere landen heeft uitgespookt, liegt er ook niet om.

Eigen verantwoordelijkheid Van huis uit heb ik als boerenzoon meegekregen dat ik zelf mijn eigen boontjes moet doppen, net als een ieder ander. Je kunt niet leren opstaan als je nooit gevallen bent. Maar daar waar het niet lukt, is het niet meer dan normaal dat je een handje helpt. Klaarstaan voor een ander is niets mis mee. Van anderen eisen dat ze dat ook altijd moeten doen, gaat me net even wat te ver.

Luid versus stil Mensen die altijd aan het woord zijn, luisteren vaak slecht. Stille Willies weten vaak heel goed wie je kunt vertrouwen en wie niet (ze voelen het vaak). Juist mensen die veel geleerd hebben, kunnen het vaak goed verwoorden, maar of die woorden waar zijn, is maar de vraag. Misschien luisteren de stille types wel beter naar de waarheid dan de welbespraakten.

Het mooie van de beeldspraak over rails is dat ze elkaar nooit zullen raken. Dat er verschillende meningen zijn, is mooi. Er ligt een grote rol voor dwarsliggers om de rails bij elkaar te houden, want daarover kan de trein naar de toekomst rijden.

Gemeenschap vs community – en DEI maakt het kapot

Wat maakt dat mensen samen iets ondernemen? Een ideaal dat ze willen verwezenlijken: een betere wereld, schoner milieu, vrede, betere zorg, beter onderwijs, eigen gezondheid, een leuker dorp – vul maar aan. En tegenwoordig hoor je er al snel bij als je erover twittert of een podcast volgt die in lijn is met jouw idealen. Ik doe dat ook. En zo nu en dan hoor ik dat de volgers van zo’n kanaal “een gemeenschap vormen”. Dan breekt er bij mij iets. Een community, ja. Maar een gemeenschap? Nee. Ik leg het graag uit.

Wat is een echte gemeenschap?

Een gemeenschap is niet zomaar een groep gelijkgezinden, een homogene club. Het gaat verder. Binnen een echte gemeenschap gaat het juist niet om eenvormigheid, maar om functionele diversiteit met grenzen. Er zijn rollen: leiders, volgers, denkers en doeners. Samen zijn ze verantwoordelijk voor een gemeenschappelijk goed – een dorp, een kerk, een sportvereniging – iets dat groter is dan een project of een ideaal.

Grenzen horen erbij

Je hoort erbij of je staat erbuiten. Natuurlijk kun je onderdeel worden, maar dan moet je de do’s en don’ts kennen. Je moet je erin begeven en je steentje bijdragen. Komt je in een dorp wonen? Dan helpt het als je mee helpt met de maandelijkse oud-papieractie. Belangrijk is dat mensen elkaar min of meer kennen, met hun eigen aardigheden en vaardigheden. Dat krijg je door samen dingen te doen: scheidsrechter zijn, bardienst draaien, een toernooi organiseren.

Die geslotenheid maakt het juist interessant. Hoe open of gesloten ben je als gemeenschap? Mensen moeten zich ergens aan kunnen aansluiten en hun steentje bijdragen op hun eigen wijze. Kan dat niet? Dan glijdt het af naar een soort sekte. Bemoeienis van buitenaf om gemeenschappen te veranderen is in mijn ogen funest. Want degene die altijd en overal commentaar op heeft lijkt negatief, maar is oké – want hij wast de ramen bij zijn hoogbejaarde buurman.

Historie helpt, maar is niet nodig

De historie van een gemeenschap kan een grote rol spelen. Je hoort de verhalen hoe het vroeger was, over de voortrekkers, de smeuïge details, over wie ooit eens buiten de pot had gepiest. Een lange geschiedenis is niet echt nodig. Ook in een nieuwe Vinex-wijk kan na tien jaar een mooie gemeenschap ontstaan. Dan zie je wie een bouwer is en wie een beheerder. De persoon die voor het eerst een buurtbarbecue organiseert vergeet een vergunning aan te vragen, maar haakt af als de gemeente het bij de volgende keer eist. Dan staat iemand anders op om het volgens de regels te doen. Beide keren was het een groot succes. En dat “niet aanvragen” van een vergunning werd één van de sterke verhalen.

Waarom dit thema belangrijk is

Ik maak me zorgen over de echokamers op social media. Allemaal gelijkgestemden waar tegengeluid als storend wordt ervaren. Iemand reageerde ooit op een tegengeluid van mij: “Het zit je wel hoog he Jan?” Het lijkt wel of mensen alleen nog willen wentelen in hun eigen gelijk. Juist die vervlakking maakt me ongerust. Want de diversiteit binnen een echte gemeenschap – die van doeners, denkers, zeurkousen en helpers – is voor mij het grootste goed.

DEI-beleid is killing voor gemeenschappen

Nu worden vanuit de overheid DEI-regels (Diversity, Equity, Inclusion) opgelegd en gemeenten moeten een Lokale Inclusie Agenda opstellen. Ik zat laatst bij een bijeenkomst waar een dorpshuis gratis een traplift kon krijgen. Serieus – terwijl het dorpshuis geen tweede verdieping heeft. Het is de uitwerking van die DEI-agenda, voor een dorp dat al jaren dezelfde samenstelling heeft. En mocht er echt iets nodig zijn, dan regelen we dat zelf. Zoals we dat altijd al deden.

DEI-beleid gaat tussen de oren zitten. Plotseling praat het dorp over een traplift die nergens heen gaat. Of over een diversiteitsplan voor een bevolking die al eeuwen uit dezelfde families bestaat. Het geld is er, dus er moet iets bedacht worden om het uit te geven: een workshop, een vlag, een rapport. Pleisters plakken op een lichaam dat kerngezond is.

Door al dat DEI-geld en die regels verliezen we wat we altijd al konden: wachten tot een probleem écht speelt, en het dan zelf oplossen op een manier die bij ons past. DEI maakt lui. Het vervangt eeuwenoude zelfredzaamheid door afhankelijkheid van potten geld die toch op moeten. En ondertussen verbrandt het geld aan trapliften naar nergens, workshops voor niemand, en plannen waar niemand om gevraagd heeft – terwijl het dorp allang wist hoe het moest.

Laat dorpen en verenigingen met rust. Ze weten al eeuwen hoe ze een gemeenschap draaiende houden. Bemoei je er niet mee, tenzij we er zelf om vragen. Dan blijft de echte diversiteit gewoon bestaan.