Menu Sluiten

De ontwikkeling van Gemeenschappen in Landelijke Gebieden: Een Verhaal van Verbinding en Veerkracht

Het ontwikkelen van gemeenschappen in landelijke gebieden is een fascinerend proces dat diep geworteld is in de geschiedenis en cultuur van ons land. Het is een verhaal van veerkracht, samenwerking en innovatie dat zich blijft ontvouwen te midden van veranderende tijden en uitdagingen. Wat mij betreft een hoopvol gegeven.

In het hart van elk landelijk gebied liggen de gemeenschappen die het weefsel vormen van het sociale landschap. Deze gemeenschappen zijn vaak gebouwd op een fundament van gedeelde waarden, tradities en een sterke verbondenheid met het land. Maar net als de natuur zelf, zijn ook deze gemeenschappen onderhevig aan verandering en evolutie.

Een van de opvallendste trends in de ontwikkeling van landelijke gemeenschappen is de toenemende diversiteit. Vroeger waren homogene dorpsgemeenschappen de norm. Nu zien we nu een groeiende mix van mensen uit verschillende achtergronden en levensstijlen die zich in landelijke gebieden vestigen. Deze diversiteit brengt nieuwe perspectieven en ideeën met zich mee, en verrijkt het sociale weefsel van landelijke gemeenschappen.

Een ander belangrijk aspect van de ontwikkeling van landelijke gemeenschappen is de rol van technologie. Hoewel landelijke gebieden vaak worden geassocieerd met rust en traditie, zijn ze ook steeds meer verbonden met de bredere wereld door middel van technologische vooruitgang. Internetverbindingen, mobiele communicatie en e-commerce hebben het mogelijk gemaakt voor mensen in landelijke gebieden om te profiteren van de voordelen van de digitale revolutie, zoals thuiswerken, online onderwijs en toegang tot wereldwijde markten.

Tegelijkertijd brengt deze toenemende verbondenheid ook uitdagingen met zich mee, zoals de dreiging van sociale isolatie en het verlies van traditionele ambachten en vaardigheden. Het is belangrijk voor landelijke gemeenschappen om een evenwicht te vinden tussen het omarmen van nieuwe technologieën en het behoud van de unieke cultuur en identiteit die hen maken.

Ten slotte is er de voortdurende uitdaging van economische ontwikkeling. Hoewel landelijke gebieden vaak worden geassocieerd met landbouw en traditionele ambachten, zijn ze ook steeds meer afhankelijk van andere sectoren, zoals toerisme, dienstverlening en technologie. Het is belangrijk voor landelijke gemeenschappen om een divers en veerkrachtig economisch ecosysteem te ontwikkelen dat hen in staat stelt om te gedijen te midden van veranderende economische omstandigheden.

Al met al is de ontwikkeling van landelijke gemeenschappen een dynamisch en complex proces dat wordt gekenmerkt door een mix van traditie en innovatie, continuïteit en verandering. Terwijl deze gemeenschappen zich blijven aanpassen aan nieuwe uitdagingen en mogelijkheden, is het essentieel dat ze vasthouden aan de kernwaarden die hen definiëren en verbinden: gemeenschapszin, veerkracht en een diepgewortelde liefde voor het land.

 

 

 

Onwetendschap, het failliet van de wetenschap

Zelf heb ik nooit gestudeerd dus met enige schroom tik ik deze blog. Maar het moet er maar eens van komen. Ik ben wel een beetje klaar met de uitdrukking “het is wetenschappelijk bewezen”. Dan bedoel ik niet de exacte wetenschap maar vooral over klimaat-, economie-, corona / gezondheids wetenschap enz. Daar wordt gewerkt met modellen, statistieken, vaak aannames en men bouwt daar vaak op voort.

Ik zag een interview met Trudy Dehue bij De Andere Wereld over zwangerschap. Daarin zit een mooi stuk over normatieve definities en de classificaties die er bij horen. Mooi uitgelegd. Wetenschap wordt gebouwd op normatieve definities met daarna clacificaties. Vervolgens worden dat feiten waarop de wetenschap wordt gebaseerd. Vaak wordt geschermd met dat is wetenschappelijk bewezen. Dan hoort er dan wel bij welke definities gehanteerd zijn. Anders staat die bewering op los zand. 

Dat gevoel kreeg ik erg bij het interview met Tijs van de Brink Hij is op zoek of hij in coronatijd wel goed had gehandeld. Keer op keer noemt hij de wetenschap waarop hij vertrouwd.   Of hij in de coronatijd wel goed had gehandeld, tenenkrommend. Het staat bol van de aannames en de zelfreflectie is bij hem ver te zoeken. Volgens mij moet de wetenschap zelf kritisch staan tegenover de bewering die zo vaak wordt gebruikt. Want iedere wetenschapper  zou kritisch moeten staan tegenover de bewering “is wetenschappelijk bewezen”. Hieronder staat het gesprek met Tijs op Blackbox.

In dat opzicht is wetenschap een nieuwe religie geworden. Er mag niet aan getwijfeld worden en heel vaak worden andere meningen weggezet onder het mom van complot of nepnieuws. Juist een wetenschapper zou nieuwsgierig moeten zijn. Dan  kom je ook bij de uitdrukking: “hoe meer we weten hoe meer het besef komt dat er veel meer is dat we niet weten¨. Misschien is de term wetenschap niet correct en zou het “onwetendschap” moeeten heten, op zoek naar hoe het mogelijk zit.

Mijn corona ervaring.

Het klopt, ik was in coronatijd en erna minder zichtbaar. Omdat ik me niet echt open durfde te uiten. Langzamerhand moet ik kleur bekennen. Dat moet van mezelf want ergens is er een misdaad begaan tegen ons. We hebben ons van elkaar laten isoleren. Van geen handen schudden tot de 1,5 meter. Geen bezoek ontvangen met als dramatisch dieptepunt ouderen die in alle eenzaamheid overleden. De 1,5 meter is nog overal te zien. Ik heb de neiging al die stickers te verwijderen.

Er is oversterfte. Alleen al die isolatie heeft waarschijnlijk ook veel slachtoffers geëist. De angst die in de maatschappij is gepompt is gigantisch en is nog steeds voelbaar. Ook angst levert stress op. Stress is soms nodig om te kunnen presteren maar dag in dag uit stress ervaren is niet gezond. Een mens is een sociaal dier, mensen die veel socuiale contacten hebben leven langer.

Natuurlijk is een dreiging van een pandemie iets waar je je op moet voorbereiden. Toen corona uitbrak had de angst ook mij te pakken. Maar de beelden die ik zag van Marc van Ramst die tijdens een presentatie op 22 januari 2019 stond te lachen om mensen vooral bang te maken. En ik herkende de aanpak die hij al ruim voor de uitbraak presenteerde. Ergens ontstond toen bij de twijfel. De presentatie is nog steeds te zien via https://www.youtube.com/watch?v=5ANOVSjDUd4

Ik begrijp dat als je echt mensen wil doordringen van de ernst van de zaak het zwaarder aan moet zetten. Maar toen ik die presentatie eenmaal had gezien zag ik allerlei zaken die niet klopten. Er over te praten bleek bijna onmogelijk. Het was topsport om het er over te hebben, ik moest voorzichtig mijn mening brengen. In veel gevallen stopte het gesprek vrij snel omdat men het niet over wilde hebben. Men geloofde alles wat via Main stream media werd verkondigd.

Ik heb veel steun gevonden in de alternatieve media. Daar hoorde ik een ander geluid veel genuanceerdere. Vooral de Nieuwe Wereld was me vaak tot steun. Gisteren was aflevering # 1387 met Carine Knapen over Corona en eerlijk…. Mij uit het hart gegrepen absoluut kijken! Ik hoor graag de reacties.

 

Wat is er met de wereld aan de hand?

Sankofa

Na een jaar van stilte op mijn blog pak ik de draad weer op. Alle redenen om mijn gedachten de wereld in te slingeren. Niet omdat ik het allemaal zo goed weet, juist niet. Maar omdat veel mensen met vragen zitten. Ik dus ook. Hoog tijd ze te delen.

Directe aanleiding is het lied van Oliver Anthony. https://youtu.be/sqSA-SY5Hro?si=vx4tOeShgSoZ_k8N Het leven in een nieuwe wereld met een oude ziel. Over rijke mensen die alles van je willen weten: weten wat je denkt weten wat je doet. Je hebt je ziel verkocht aan ze, iedere dag werken voor een waardeloos loon. Wat is er met de wereld gebeurd? Het is een schande volgens de song.

Nu is de wereld compleet veranderd. Links en rechts bestaat niet meer echt. Er is een groeiende kloof tussen mensen die zorgeloos leven en mensen die niet meer rond kunnen komen. Tussen de praktisch geschoolden en de theoretisch geschoolden. Tussen stad en platteland. Misschien is het verschil tussen conservatief en progressief nog wel redelijk te herkennen. Conservatief in mijn defenitie gaat over wat was en koesteren het. Progressief wil kappen met het verleden. Verafschuwt het zelfs. 

In mijn ogen verklaart dat ook de excuses voor slavernij, zwarte Piet verbannen en het verketteren van vroegere helden. Bijna ontkennen van de geschiedenis. Ooit stond ik op het strand in Benin waar slaven werden verscheept. De inwoners schaamden zich voor wat er ooit gebeurd was want het waren inwoners van Benin die de slaven leverden. In mijn ogen niet iets voor te schamen je kunt niet verantwoordelijk worden gehouden voor wat voorouders hebben gedaan.    

Juist progressieven willen een betere wereld, vrijheid en gelijkheid. Miks mis mee natuurlijk. Aandacht voor mensen die lijden onder wie ze zijn, of willen zijn, is in mijn ogen een groot goed. Het schiet zijn doel voorbij zodra het opgedrongen wordt, het overmatig veel aandacht krijgt.  

Conservatieven zien met lede ogen aan hoe waarden die ze hoog hebben aan het verdwijnen zijn. Gemeenschapszin, kleinschaligheid en het omkijken naar elkaar. Ook dat kan doorschieten als het opgedrongen wordt. Mantelzorg is mooi maar niet altijd.  

Ooit in 2014 schreef ik in mijn blog over Sankofa. Een prachtig symbool van een vogel die terugkijkt en het verleden als een ei meeneemt naar de toekomst. Het woord Sankofa (woord komt uit een oude afrikaanse taal: Andrinka stam/Ghana ) is opgebouwd uit drie delen: San (keer terug),  ko (ga) en fa (kijk, zoek en neem).

En hier Oliver Anthony die verwoord wat er onder een groot deel van de wereld leeft.

t Het nog nooit zo donker west…

Mijn blog ontstaat vaak door toevalligheden, voorvallen die iets gemeen hebben. Ook nu zetten 3 dingen me aan te schrijven. Het gesprek met een dorpsgenoot en het interview met Geert Mak op Lowlands. Een dorpsgenoot vertelde me op een verjaardagsfeest dat hij zich zorgen maakt en niet een beetje ook. Zorgen wat er allemaal speelt in de wereld: “het gaat op de kop verkeerd”.  Vanmorgen hoorde ik het gesprek van Geert Mak op Lowlands “Het is de laatste normale zomer die we meemaken”, het doet hem denken aan 1914 en 1939. 

De radio stond aan en de Groningse Troubadour Ede Staal zong: t Het nog nooit zo donker west, of  het werd altied wel weer licht. Een hoopvolle boodschap in donkere tijden want dat zijn het. De naweeën van Corona waar mensen eenzaam gestorven zijn en kinderen 2 jaar van hun leven anders zagen ingevuld dan een zorgeloze jeugd. Natuurlijk ook mensen die erg ziek zijn geweest of overleden, erg, maar dat zat in mijn omgeving op het niveau van een stevige griep. Oekraïne, toeslagen affaire en bodemdaling. Het gedoe rond klimaat, natuur en boeren. Als boerenzoon vind ik daar wat van. Maar wat echt ons gaat raken is de energiecrisis en de economie die klem loopt. 

Ik kan me vinden in de opmerking van Geert Mak. Het is een warme zomer maar redelijk zorgeloos. Veel mensen schuiven het nog even voor zich uit. De regering neemt het voorbeeld en gaat gewoon op vakantie. Onvoorstelbaar. Terwijl het broeit. Mijn dorpsgenoot is niet de enige die zich zorgen maakt. Veel mensen maken zich op voor slechtere tijden. Ik geloof niet echt meer in dat de regering het beste met iedereen voor heeft. Want Ter Apel moet een eitje zijn voor een overheid die nog steeds miljarden kan besteden. Het zijn keuzes die bewust niet gemaakt worden. Mijn dorpsgenoot was zichtbaar kwaad.

Ik ben niet van de uitersten maar bij de rest van het betoog van Geert Mak voel ik me wel ongemakkelijk. De lofzang over de held Zelenski, in mijn ogen is het een acteur die rondloopt in een groen shirt en die westerse politici bespeelt. De lofzang op het dappere Oekraïense volk is wat mij betreft wel wat overdreven. Alles wat ik gezien heb van dat land sinds 2014 was niet echt fraai. We horen nu alleen maar wat we mogen horen. Berichten worden verwijderd, sites geblokkeerd. Soms tref ik een stuk (in dit geval van Jan Bennink) buiten al het gefilterde om. Van iemand die al heel lang roept dat het niet klopt en vaak gelijk kreeg. Zijn account is opgeschort op twitter. Een geluid dat wat mij betreft ook gehoord mag worden. 

t Het nog nooit zo donker west, Of ‘t wer altied wel weer licht